U bent hier

Home

Coleophora succursella Herrich-Schäffer, 1855

Draadjesbuiskokermot
Familie: 
Soort mijn: 
Imago: 

De voorvleugels zijn okerkleurig-bruin met lichtgele tot witte lengtestrepen en daartussen variërend veel tot weinig zwarte stipjes.
De lichte voorrandslijn strekt zich uit over de hele lengte van de vleugel.
De voelsprieten zijn geringd.
De spanwijdte is 14 mm - 15 mm.
De vliegtijd is voornamelijk juni en juli.

Koker: 

De rups leeft in een buisvormige driekleppige koker. Deze is 10 mm - 12 mm en vooraan tot 3/4 witachtig behaard, achteraan versmald en kaal.
Soms zijn er enkele donkerder lengtelijnen aanwezig.
De mondhoek is 40° - 45°. 

Mijn: 

Deze soort mineert de bladeren van de waardplant.

Opmerkingen: 
  • Zeer zeldzaam in ons land. Misschien zelfs uitgestorven? 
Waardplanten: 
Achillea millefolium
Duizendblad
Artemisia campestris subsp. campestris
Wilde averuit
Artemisia vulgaris
Bijvoet
Verspreiding België: 

Buiten een oude waarneming voor 1980 uit Brabant zijn ons geen verdere gegevens bekend.

Verspreiding algemeen: 

Midden-en Noord-Europa.

Levenscyclus: 

Rupsen zijn te vinden tot in juni.
De vliegtijd is voornamelijk juni en juli.