U bent hier

Home

Stigmella roborella (Johansson, 1971)

Gewone eikenmineermot
Stigmella roborella - Gewone eikenmineermot
Familie: 
Soort mijn: 
Ei: 

Het ei kan aan zowel aan de bovenkant als aan de onderkant worden afgelegd.

Rups: 

De bleekgele rups heeft een bleekbruine kop.

Mijn: 

De mijn is een lange licht kronkelende gang die matig verwijdt. Het zwarte frass ligt in de gehele gang in een nauwe centrale lijn.

Cocon/pop: 

De cocon is roodbruin tot donkerbruin.

Opmerkingen: 
  • Op eik zijn er verschillende soorten die gelijkaardige mijnen maken. Sommige soorten zijn moeilijk uit elkaar te houden en dus zonder rups niet determineerbaar.
  • Bij Stigmella roborella ligt de frasslijn het smalst van alle Nepticulidae die voorkomen op eik in België.
Waardplanten: 
Quercus petraea
Wintereik
Quercus robur
Zomereik
Quercus rubra
Amerikaanse eik
Verspreiding België: 

Antwerpen, Limburg, Luik, Luxemburg en Namen hebben deze soort reeds kunnen optekenen. Ook omdat bij deze soort een grote overlap is met andere gelijkaardige soorten die op eik voorkomen wordt ze minder waargenomen.

Verspreiding algemeen: 

Deze soort is wijd verspreidt in Europa tot zelfs in grote delen van Turkije. (verspreidingskaart)

Levenscyclus: 

De motjes vliegen in twee generaties per jaar; van mei tot juni en terug van augustus tot september. Mijnen zijn dan te vinden vanaf begin juli en dan terug van eind september tot ver in oktober.

Foto's mijn: 
Stigmella roborella - Gewone eikenmineermot
Stigmella roborella Gewone eikenmineermot
Stigmella roborella - Gewone eikenmineermot
Stigmella roborella - Gewone eikenmineermot