U bent hier

Home

Coleophora caespititiella Zeller, 1839

Bieskokermot
Coleophora caespititiella - Zeeruskokermot
Familie: 
Synoniemen: 
= agrammella Wood, 1892
Soort mijn: 
Imago: 

De voorvleugels zijn okerkleurig tot grijs met een lichte creme-kleurige voorrandstreep tot 3/5 van de vleugel.
De voelsprieten zijn geringd van 1/2 tot soms 5/6 van de top.
De spanwijdte is 8 mm - 10,5 mm.
De imago's vliegen van midden mei tot begin juli.

Ei: 

Het eitje wordt afgezet op een bloempje van de waardplant.

Koker: 

De rups leeft in een klein kokertje van 4 mm - 5 mm tussen de bloemen of zaden van de voedselplant.
De koker is grijs en dikwijls bezet met kleine zwarte uitwerpselen van de rups.
Er zijn soms ook zwakke lichte lengtelijntjes te zien. 

Opmerkingen: 
  • Deze soort zit in een groep Rus-etende Coleophoridae en is meestal enkel door genitaal onderzoek te onderscheiden!
  • Ze leven ook meer verborgen dan de andere russoorten.
Waardplanten: 
Juncus articulatus
Zomprus
Juncus conglomeratus
Biezenknoppen
Juncus effusus
Pitrus
Juncus inflexus
Zeegroene rus
Juncus spec.
Rus spec.
Verspreiding België: 

Een erg verborgen en lokale soort.
Na 2004 aangetroffen in: West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg en Brabant.
Er zijn oudere meldingen uit Luxemburg.

Verspreiding algemeen: 

Geheel West-Europa.
Uit het noord-oosten zijn geen data bekend.

Levenscyclus: 

De rupsen zijn volwassen in oktober.
Ze overwinteren tussen de zaden op de plant of op de grond.
De imago's verschijnen midden mei tot begin juli.

Foto's imago: 
Coleophora caespititiella - Zeeruskokermot
Foto's koker: 
Coleophora caespititiella - Zeeruskokermot