U bent hier

Home

Coleophora mayrella (Hübner, 1813)

Kamsprietkokermot
Coleophora mayrella - Kamsprietkokermot
Familie: 
Synoniemen: 
= fabriciella (De Villers, 1789), nec (Swederus, 1787)
= spissicornis (Haworth, 1828)
= trochilipennella Costa, 1836
Soort mijn: 
Imago: 

De voorvleugels zijn metaalgoudgroen, lichtjes verdonkerd en soms met purperen schijn naar de apex toe.
De voelsprieten zijn wit zwart geringd tot 3/5 van de top.
De basis van de sprieten zijn verdikt met blinkende schubjes. Dit tot bijna de helft van de antennen.
De spanwijdte is 9,5 mm - 13 mm.
De vliegtijd begint in juni en gaat tot begin augustus.

Ei: 

Het eitje wordt afgezet op een bloempje van de waardplant.

Koker: 

De rups leeft in een zaadje van de waardplant , dat als kokertje gebruikt wordt, en is daardoor erg moeilijk te vinden. 

Cocon/pop: 

De verpopping gebeurt dicht bij de grond.

Opmerkingen: 
  • De kokers en het gedrag van de rups zijn nauwelijks te onderscheiden van die van C. alcyonnipenella.
  • De imago's zijn vooral dagactief.
Waardplanten: 
Trifolium repens
Witte klaver
Verspreiding België: 

Na 2004 is de soort waargenomen in: Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg, Brabant en Namen, er is ook een oude melding voor 1980 uit Luxemburg.

Verspreiding algemeen: 

Heel Europa, behalve het Noord-Oosten waar nog geen gegevens bekend zijn.

Levenscyclus: 

De rupsen zijn te vinden van september tot mei.
De imago's vligen in juni en juli.
 

Foto's imago: 
Coleophora mayrella - Kamsprietkokermot
Coleophora mayrella - Kamsprietkokermot
Coleophora mayrella - Kamsprietkokermot